Blog

Geen volwaardige joint venture, geen meldingsplicht ACM.

Gepubliceerd op 15-09-2015

Op 25 augustus jl. heeft de Autoriteit Consument en Markt (ACM) een informele zienswijze afgegeven. De vraag die centraal staat is de volgende. Brengen ondernemingen door het verkrijgen van gezamenlijke zeggenschap in een organisatie een volwaardige gemeenschappelijke onderneming tot stand? Oftewel, een volwaardige joint venture. Deze vraag is van belang om te kunnen bepalen of de voorgenomen samenwerking al dan niet kwalificeert als een concentratie (fusie of overname) in de zin van de Mededingingswet. Het moet dan namelijk bij de ACM gemeld worden. Is er geen sprake van een concentratie, dan moet de voorgenomen samenwerking wel getoetst worden aan het kartelverbod.

Wanneer is er sprake van ‘gezamenlijke zeggenschap’?
Van gezamenlijke zeggenschap is sprake wanneer twee of meer natuurlijke personen of ondernemingen de mogelijkheid hebben om een beslissende invloed op een andere onderneming uit te oefenen. Beslissende invloed betekent dat de betrokken ondernemingen de bevoegdheid hebben om strategische commerciële beslissingen van die andere onderneming te nemen of te blokkeren.

Wanneer kwalificeert een joint venture als een concentratie?
De totstandbrenging van een joint venture is een concentratie wanneer de joint venture duurzaam alle functies van een zelfstandige economische eenheid vervult. De joint venture dient daarbij in operationeel opzicht zelfstandig te zijn ten opzichte van de moederondernemingen. Dit wordt ook wel het criterium van “volwaardigheid” genoemd. Hiervan is bijvoorbeeld geen sprake indien de joint venture alleen de bestaande taken van de moederondernemingen overneemt en vooral een hulpfunctie voor hen vervult. Van belang bij de beoordeling of een joint venture volwaardig is, is de vraag of de joint venture een eigen toegang of aanwezigheid op de markt heeft.

Mate afzet aan moederondernemingen
Een ander element dat van belang is bij de beoordeling of een joint venture volwaardig is, is de mate van afzet aan de moederondernemingen. Volgens de Geconsolideerde mededeling van de Commissie over bevoegdheidskwesties op grond van Verordening betreffende de controle op concentraties van ondernemingen (Bevoegdheidsmededeling) is het feit dat de omzet van een joint venture voor meer dan 50% uit afzet aan derden bestaat vaak een aanwijzing dat de joint venture erop ingesteld is om een actieve rol op de markt te spelen.

Wanneer een joint venture minder dan 50% van haar omzet behaalt met de afzet aan derden, zal per geval moeten worden beoordeeld of de verhouding tussen de joint venture en de moederondernemingen werkelijk commercieel is. Aangetoond moet worden dat de joint venture haar goederen of diensten zal leveren aan de afnemer die deze het meest valoriseert en er het meest voor zal betalen. Daarnaast zal de gemeenschappelijke onderneming onder normale commerciële voorwaarden en met gepaste afstand met haar moederondernemingen moeten onderhandelen.

Conclusie ACM: Geen concentratie in de zin van de Mededingingswet
De vraag die in de zienswijze centraal staat  is of twee ondernemingen, onderneming  A en X, geen volwaardige joint venture zullen zijn door het verkrijgen van gezamenlijke zeggenschap in een organisatie. Deze vraag heeft de ACM in haar zienswijze bevestigend beantwoord. De organisatie waarin A en X gezamenlijk zeggenschap zullen krijgen zou volgens de ACM geen volwaardige joint venture zijn die alle functies vervult van een zelfstandige economische eenheid in de zin van de Mededingingswet

Het volgende heeft ACM aan haar antwoord ten grondslag gelegd:

  1. De omzet van de organisatie zal uiteindelijk voor ongeveer 70% uit afzet aan de moederondernemingen bestaan.
  2. De organisatie zal een andere prijsstelling voor leveringen aan de moederondernemingen hanteren dan voor leveringen aan derden.  
  3. Indien er sprake is van capaciteitsbeperkingen, zal de organisatie de aanvragen van de moederondernemingen ook voorrang geven boven de aanvragen van derden.

Kortom, de onderneming zal geen joint venture zijn die in operationeel opzicht zelfstandig is  ten opzichte van de moederondernemingen.


Wilt u meer weten over de meldplicht bij de ACM, dan kunt u contact opnemen met Ineke van den Broek. Ineke maakt deel uit van het rechtsgebied mededinging en aanbesteding.

Deze blog bevat algemene informatie en is met veel aandacht en zorgvuldigheid geschreven. Juridisch advies is echter altijd maatwerk. Wint u dus in een voorkomend geval altijd deskundig juridisch advies in. (Lees onze disclaimer).

Advocaat
Broek, Mr I. van den
Vakgebied
Mededinging & Aanbesteding

 

 

Terug naar overzicht