Annotatie: Apotheek vangt bot: concurrentiebelang van een apotheek is geen reden tot handhaving

Feiten: Apotheek Heythuysen verzoekt de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (de minister) om handhavend opte treden tegen de Huisartsengroepspraktijk Stramproy-EII, de huisartsen [huisarts A] en [huisarts B] en de apotheek APPOHeythuysen (APPO) wegens (i) het op voorraad aanwezig hebben en ter hand stellen van ongeëtiketteerde geneesmiddelenin uitdeelposten (art. 61 Geneesmiddelenwet (Gnw)) en (ii) verboden samenwerking met financiële vergoeding (art. 11Besluit Gnw). De minister wijst het verzoek af; bezwaar slechts deels gegrond.
Uitspraak: De Afdeling oordeelt dat voor Apotheek Heythuysen het procesbelang ontbreekt voor handhaving op grond vanart. 61 Gnw. Voorts oordeelt de Afdeling dat art. 11 Besluit Gnw strekt tot bevordering van een goedegeneesmiddelenvoorziening en nadrukkelijk niet tot bescherming van concurrentiebelangen, zodat het relativiteitsvereiste(art. 8:69a Awb) aan vernietiging in de weg staat. Hoger beroep ongegrond; bevestiging uitspraak eerste aanleg.
